PENN advocaten

Prejudiciële vragen

Komt er dan eindelijk een beetje versnelling in de stroperige strafrechtelijke rechtsgang?

Vrijwel een ieder die in een strafrechtelijk proces verwikkeld is geraakt, zal kunnen beamen dat de keten aardig verstopt zit. Vaak moet lang worden gewacht op een uitspraak. En al helemaal op een eindoordeel van het Gerechtshof of Hoge Raad. Een persoonlijk leven kan door deze lange onzekerheden behoorlijk ontwricht raken. Voor velen is het dus een goede zaak dat het strafprocesrecht met de Wet modernisering strafvordering en innovatiewet, waar sinds 2014 aan wordt gewerkt, efficiënter wordt ingericht. 

Prejudiciële vragen in strafzaken

Een manier om het strafproces efficiënter te laten verlopen is de mogelijkheid voor de rechter om in eerste aanleg of hoger beroep om de Hoge Raad prejudiciële vragen te kunnen stellen in strafzaken. Prejudicieel betekent dat dat een hogere rechter om uitleg van een bepaalde rechtsregel wordt gevraagd, voordat de rechtbank zelf een beslissing neemt. 

Sinds oktober 2022 is daadwerkelijk een wet in werking getreden, waarmee de feitenrechter binnen korte termijn (5-6 maanden) van de Hoge Raad een antwoord zou behoren te krijgen dat nodig is om in de bij hem voorliggende zaak de (juiste) beslissing te nemen.   

Voordelen van deze nieuwe procedure

De prejudiciële procedure zou kunnen leiden tot een betere einduitspraak. Beter in de zin van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling en/of de rechtsbescherming dienend, en aldus in het belang van verdachte, openbaar ministerie, slachtoffers(s) rechterlijke macht en/of samenleving. De verdachte kan hiervan direct profiteren, tenminste als de wijze van beantwoording van de rechtsvraag voor hem gunstig uitpakt. De verdachte hoeft dan niet de wachten tot de Hoge Raad na jaren uitspraak heeft gedaan. Ook hoeft er minder onzekerheid te bestaan in gevallen waarin door verschillende rechtbanken of hoven verschillend over een bepaald juridisch probleem wordt gedacht. Als ten tijde van de uitspraak duidelijk is hier de Hoge Raad over een onderwerp denkt, kan dit ook helpen in de beslissing om wel of niet in hoger beroep te gaan. 

Voorwaarden prejudiciële procedure. 

Niet elke vraag hoeft door de Hoge Raad te worden beantwoord. Het moet gaan om een vraag waarop de rechtbank een antwoord nodig heeft om tot een beslissing te komen. Bovendien moet aan de vraag bijzonder gewicht toegekend, bijvoorbeeld omdat de vraag speelt in een mega-zaak of in meerdere zaken tegelijkertijd. Als de Hoge Raad de vraag in overweging neemt, worden het Openbaar Ministerie en de advocaat van de betrokken procespartij in de gelegenheid gesteld om opmerkingen te maken. 

Eerste procedure lijkt te zijn begonnen

Al vrij snel na de inwerkingtreding van het wetsartikel hebben verschillende rechtbanken te kennen gegeven van de bevoegdheid gebruik te willen maken. Het gaat om de vraag of data die is verworven na een hack in het buitenland bij servers van Encrochat en Sky ECC bruikbaar zijn voor het bewijs. Een voorliggende vraag is in hoeverre het interstatelijke vertrouwensbeginsel een toetsing van de rechtmatigheid in de weg zou kunnen staan. Ten tijde van het schrijven van dit stuk is de prejudiciële vraag nog niet definitief geformuleerd en ingediend. Het is wel duidelijk dat het hier om een belangrijke vraag gaat, die in veel zaken desnoods tot de Hoge Raad, danwel het Europees Hof van de Rechten van de Mens, uitgeprocedeerd zal worden. Op zichzelf is het dus voor de rechtszekerheid en rechtseenheid positief dat de Hoge Raad zich hier in een eerder stadium over kan uitspreken. Namelijk in de periode dat de zaak nog ter beoordeling ligt bij de feitenrechter. 

Als de uiteindelijke vraagstelling niet naar de zin van de verdediging zou zijn, betekent dit nog steeds dat alsnog de gang naar het Gerechtshof en Hoge Raad gemaakt zou kunnen worden. Tenzij natuurlijk het antwoord alsnog heeft geleid tot een gunstig resultaat voor de verdachte.

 Mr. D.M. Penn

Deel online